De geschiedenis van de missiezusters begint met
de Heilige Arnold Janssen
missiezusters | slotzusters
Wie was deze man die ondanks alle moeilijkheden van de 'Kulturkampf'
de eerste Duits-Nederlandse missionaire gemeenschappen stichtte?

Arnold Janssen werd geboren op 5 November 1837 in de Duitse plaats Goch, als tweede kind van de voerman Gerhard Janssen en zijn vrouw Anna Katherina. Hij groeide op met 5 broers en 2 zussen en studeerde mathematiek en natuurwetenschap in Münster en Bonn. Na zijn priesterwijding in 1861 werkte hij eerst als leraar aan een gymnasium in Bocholt.
Gevormd door zijn opvoeding in een diep religieus katholiek gezin voelde hij zich op een bijzondere wijze verbonden in en bewogen door gebed. Hij kwam in aanraking met het 'Apostolaat van het gebed' een missionaire beweging uit Frankrijk, die zich ten doel stelde de mensen tot gebed en levend geloof te brengen. Het contact met deze beweging bracht in de eenvoudige, wat mensenschuwe priester, een ommekeer teweeg. Hij investeerde al zijn tijd, geld en creativiteit in de verbreiding van dit Apostolaat. Tijdens zijn vakanties bezocht hij bijna 300 parochies in het bisdom Münster om het Apostolaat van het Gebed te verbreiden. Daarbij groeide zijn gevoel voor oecumene en ontwaakte in hem geleidelijk het bewustzijn van de spirituele honger van mensen, ook buiten de grenzen van zijn eigen diocees en kreeg hij oog voor de wereldwijde missie van de kerk.
Hij besloot zijn hele leven in dienst te stellen van het werken aan de missionaire bewustwording (in Duitsland). Daarom stopte hij in 1873 met zijn werk in het onderwijs en gaf kort daarop een tijdschrift uit onder de naam: "Der kleine Herz-Jesu-Bote". In dit maandblad publiceerde hij nieuws uit verre landen en spoorde de Duitstalige katholieken aan om zich meer voor de missie in te zetten.
In verschillende Europese landen bestonden er eind 18e eeuw al diverse centra voor de vorming van missionarissen, maar in Duitsland nog niet. Arnold Janssen wilde hier verandering in brengen en ging op zoek naar een priester die een vormingshuis zou willen stichten. Hijzelf wilde dat project steunen door te werken aan bewustmaking en fondswerving. Hij wendde zich tot de bisschoppen van Duitsland, Luxemburg en het Duitstalige Zwitserland maar niemand ging op zijn idee in. Velen dachten dat de tijd daarvoor nog niet rijp was. Anderen vonden dat Arnold Janssen niet de juiste persoon was. Hijzelf beaamde dit laatste. Maar de apostolische vicaris van Hongkong, bisschop Raimondi, drong bij hem aan en zei: "Sticht er zelf een man! Wat jou ontbreekt is geloof."

Die woorden maakten indruk en hij nam nu zelf het initiatief. In 1875 stichtte hij een missionaire gemeenschap voor mannen in het Nederlandse dorpje Steyl, net over de Duitse grens. In Duitsland zelf was dit toen niet mogelijk omdat de toenmalige regering-Bissmarck de invloed van de kerk sterk probeerde terug te dringen. Tien jaar later kreeg deze gemeenschap de naam 'Gezelschap van het Goddelijk Woord' (Societas Verbi Divini, SVD). Haar hoofddoel werd de verkondiging van het evangelie, vooral onder niet-christenen.
Geschiedenis van de missiezusters
Tot het vrijwilligerskorps in het missiehuis van Steyl behoorden ook enkele vrouwen. Zij hielden zich bezig met huishoudelijke taken, maar wat ze eigenlijk wilden was missiezuster worden. Dit verlangen was na een aantal jaren voor Arnold Janssen aanleiding voor het stichten van de missiecongregatie van de Dienaressen van de Heilige Geest (Servae Spiritus Sancti, SSpS) op 8 december 1889. Twee van de vrouwen van dat eerste begin, Zr Maria Helena Stollenwerk en Zr Josefa Hendrina Stenmanns worden vanwege hun bijdrage aan het tot stand komen van de congregatie beschouwd als de mede-stichteressen van de missiezusters SSpS. Bij het overlijden van Helena Stollenwerk in 1900 telde de congregatie 92 leden. Bovendien waren er 86 zusters in opleiding.

Het duurde nog een hele tijd voor er ook een Nederlandse tak ontstond. De congregatie leefde in Steyl als een Duits eiland op Nederlandse grond; het ontbrak de zusters aan contact met de bevolking. Daarom werd gekozen voor nieuwe vestigingen in Nederland. Toen ze hoorden dat er in Horn vraag was naar zusters voor een kleuter- en naaischool en dat er in Kerkrade dringend een ziekenhuis nodig was besloten ze zich daar in te zetten. De eerste drie zusters verhuisden in 1910 naar Horn waar ze een kleuterschool begonnen met 60 kinderen. In 1911 betrokken enkele zusters hun eerste onderkomen in Kerkrade, waar zij het St. Jozefziekenhuis stichtten.
Het ging goed in Kerkrade, dat blijkt wel uit de vele uitbreidingen en vernieuwingen die elkaar vlug en regelmatig opvolgden. Het grootste deel van de patiënten was uit Nederland afkomstig en er werkten ook veel Nederlandse zusters, maar Kerkrade is, net als Steyl, bij de Duitse provincie blijven horen toen de Nederlandse tak een zelfstandige provincie werd. De zusters van de communiteit in Kerkrade verhuisden in 1980 naar Wahlwiller. De missiezusters gaven het voormalige klooster van de Clarissen een nieuwe naam en een nieuwe bestemming: Arnold Janssen Klooster, bezinnings- en retraitehuis
terug...
Een contemplatieve tak
In 1896 had Arnold Janssen ook een contemplatieve tak gesticht: de missiecongregatie van de Dienaressen van de Heilige Geest van de Altijddurende Aanbidding (Servae Spiritus Sancti de Adoratione Perpetua, SSpSAP). Hun missiewerk zou zijn: het altijddurende gebed voor het Allerheiligste voor de intenties van de kerk en in het bijzonder voor de beide andere missiecongregaties.
De drie kloostergemeenschappen groeiden bijzonder vlug: bij het zilveren jubileum van het missiehuis in 1900 telde het missiewerk van Steyl 190 zusters, 208 priesters, 549 broeders, 99 theologiestudenten en 731 andere leerlingen. Arnold Janssen overleed op 15 Januari 1909 in Steyl.
terug...
"In een tijd waarin zoveel te gronde gaat, moet iets nieuws
ontstaan!"
Arnold Janssen |